Jarenlang was de regel simpel: klein badkamertje, dus lichte tegels en witte muren. Donker maakt een ruimte kleiner, dat wist iedereen. Behalve dat badkamerontwerpers dat idee dit jaar massaal overboord gooien. Kobaltblauw, petrolgroen en donkergrijs duiken op in showrooms en op Pinterest-boards, en opvallend genoeg juist vaak in kleine badkamers. Tijd om uit te zoeken wat daar achter zit, en hoe je het zelf aanpakt zonder dat je badkamer een grot wordt.
Kobaltblauw en petrolgroen veroveren de badkamer
Waar de badkamer de afgelopen jaren vooral draaide om wasbeton en zachte, aardse tinten, komt er nu een stevige kleurinjectie bij. Kobaltblauw, oorspronkelijk een pigment op basis van kobaltzouten, is een van de meest gebruikte kleuren in badkamerontwerpen van dit moment, van muurverf tot badmeubels. Petrolgroen, de donkere, iets grijzige groentint die ergens tussen smaragd en bosgroen in zit, doet het net zo goed. Donkergrijs blijft de rustigere optie voor wie niet meteen een kleurstatement wil maken, maar wel af wil van de standaard witte badkamer.
Het is geen toeval dat deze kleuren nu opduiken. Na jaren van witte, strakke badkamers zoeken mensen meer warmte en karakter in huis, en de badkamer is daarbij vaak de laatste ruimte die nog aan de beurt komt. Dezelfde beweging zie je terug bij de terugkeer van gekleurde tegels in keuken en badkamer: kleur mag weer, en mag ook stevig zijn.
Waarom donker een kleine badkamer juist groter laat lijken
Het klinkt tegenstrijdig, maar het werkt wel degelijk. Een kleine badkamer in één donkere kleur, van vloer tot plafond, verliest zijn hoeken. Je ziet niet meer waar de muur overgaat in het plafond, waardoor de ruimte als één geheel aanvoelt in plaats van een opsomming van losse vlakken. Dat effect heet monochroom inpakken, en interieurontwerpers passen het al jaren toe in kleine ruimtes, alleen nu met kobaltblauw in plaats van het gebruikelijke grijs of beige.
De tweede reden heeft te maken met contrast. Een witte badkamer met witte tegels en een wit plafond heeft weinig om het oog op te richten, waardoor je juist elke kleine onvolkomenheid ziet. Een donkere ruimte met goed geplaatst licht, denk aan spotjes rond de spiegel en een lichtlijn achter de badmeubel, creëert diepte. Je ziet schaduwen en lichtvlakken in plaats van een plat wit vlak, en dat voelt groter aan dan het op papier is.
Zo voorkom je dat het een donkere kelder wordt
Donker kan natuurlijk ook misgaan. Een paar vuistregels die het verschil maken tussen een stijlvolle badkamer en een benauwde doos:
- Kies een mat eierschaal of zijdeglans verf, geen volledig matte muurverf. Die laatste absorbeert licht volledig, terwijl een beetje glans licht terugkaatst.
- Zorg voor minimaal drie lichtbronnen: algemeen plafondlicht, taakverlichting bij de spiegel en sfeerverlichting, bijvoorbeeld een lichtlijn onder het badmeubel.
- Houd het plafond iets lichter dan de muren, zelfs een paar tinten, zodat de ruimte niet dichtslaat naar boven.
- Werk met één groot, ongebroken wandvlak in plaats van veel kleine tegeltjes in verschillende kleuren. Eén rustige kleur werkt rustgevender dan een patchwork.
- Gebruik een spiegel die minstens de helft van de wandbreedte dekt. In een donkere ruimte is een grote spiegel geen luxe, maar noodzaak om licht te verdubbelen.
Welke kleur past bij jouw badkamer
Kobaltblauw werkt het best in badkamers met natuurlijk daglicht, zoals bij een raam of lichtkoker. Het is een koele kleur en kan zonder daglicht al snel wat somber aanvoelen. Petrolgroen is veelzijdiger: het combineert goed met zowel koper als chroom, en oogt ook onder kunstlicht nog warm. Daarmee is het een logische vervolgstap als je eerder al voor chroom als nieuwe kraanafwerking hebt gekozen, want die twee vinden elkaar goed. Donkergrijs is de veiligste keuze als je twijfelt: het combineert met bijna alles en voelt nooit gedateerd aan, in tegenstelling tot een trendkleur die over vijf jaar weer anders ligt.
Niet iedereen hoeft meteen de hele badkamer om te verven. Begin desnoods met één wand, de badmeubel of alleen het plafond, en bouw van daaruit door als je kleur bevalt.
Wie denkt dat deze trend meteen een nieuwe badkamer betekent, heeft het mis. Vochtbestendige muurverf voor een badkamer van gemiddelde grootte kost meestal niet meer dan honderd euro, inclusief grondlaag. Dat is aanzienlijk goedkoper dan nieuwe tegels of een nieuw badmeubel, en je kunt de kleur bovendien weer overschilderen zodra je op een trend terugkomt. Juist daarom is dit een van de weinige badkamertrends waar je als huurder of met een beperkt budget ook iets mee kunt, zonder dat je meteen de aannemer belt.
Begin met één accentmuur, niet de hele kamer
Wie overtuigd is maar niet meteen een volledige badkamer wil aanpakken, begint het beste bij de wand achter het bad of de wastafel. Dat is de wand die je het meest ziet, en de wand die het effect van kleur het duidelijkst laat zien zonder dat je meteen tegels moet verwijderen. Een laagje muurverf is binnen een middag klaar, en als het resultaat bevalt, is de rest van de badkamer een vervolgstap, niet een verplichting. Zo test je de trend zonder dat je meteen spijt kunt krijgen van een dure verbouwing.